In het systeem worden gebruikscontrolegegevens opgeslagen in drie databasetabellen.
Deze tabellen worden gemaakt door het gebruikscontroleproces en krijgen de namen die u opgeeft op de pagina 'Systeeminstellingen'.
Tabel voor het loggen van logische query's naar gebruiksgegevens
TOTAL_TIME_SEC gelijk is aan END_TS min START_TS. In de kolommen worden zulke exacte waarden echter niet weergegeven. Oorzaken hiervan zijn:
Gebruiker, sessie en aan ID gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
In de tabel 'Logische query' geeft deze kolom de unieke rij-ID aan. In de tabel 'Fysieke query' wordt deze kolom aangegeven met de naam |
|
|
Bevat |
|
|
Geeft de naam van de catalogus aan. De standaardwaarde is 'null' en het gegevenstype is 'VARCHAR(128)'. |
|
|
Geeft de gebruikersnaam van de geïmiteerde gebruiker aan. Als de aanvraag niet als een geïmiteerde gebruiker is uitgevoerd, is de waarde 'Geen'. De standaardwaarde is 'Geen' en het gegevenstype is 'VARCHAR(128)'. |
|
|
Geeft de naam van de gebruiker aan die de taak heeft verstuurd. |
ECID |
Geeft de ID van de uitvoeringscontext aan die door het systeem is gegenereerd. Het gegevenstype is 'Varchar2(1024)'. |
TENANT_ID |
Geeft de naam aan van de tenant van de gebruiker die het initialisatieblok heeft uitgevoerd. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
SERVICE_NAME |
Geeft de naam van de service aan. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
SESSION_ID |
Geeft de ID van de sessie aan. Het gegevenstype is 'Number(10)'. |
HASH_ID |
Geeft de HASH-waarde voor de logische query aan. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
Aan herkomst van zoekvraag gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
De bron van de aanvraag. Opmerking: de aanvrager kan QUERY_SRC_CD instellen op elke gewenste stringwaarde om zichzelf te identificeren. Mogelijke waarden zijn:
|
|
|
Geeft de padnaam van het dashboard aan. Als de query niet via een dashboard is verstuurd, is de waarde 'null'. |
|
|
Geeft de paginanaam in het dashboard aan. Als de aanvraag geen dashboardaanvraag is, is de waarde 'null'. De standaardwaarde is 'null' en het gegevenstype is 'VARCHAR(150)'. |
|
|
Geeft de padnaam in de catalogus voor de analyse aan. |
Aan details van zoekvraag gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Bevat de foutmelding van de backend-database. Deze kolom is alleen van toepassing als |
|
|
Bevat het gehele logische SQL-statement zonder afkapping. De kolom |
|
|
Bevat een MD5-hashsleutel die door het systeem is gegenereerd op basis van het logische SQL-statement. De standaardwaarde is 'null' en het gegevenstype is 'VARCHAR(128)'. |
|
|
Geeft het SQL-statement aan dat voor de query is verstuurd. Het gegevenstype is 'VARCHAR(1024)'. U kunt de lengte van deze kolom wijzigen (met behulp van de opdracht 'ALTER TABLE'). Houd er rekening mee dat de tekst die in deze kolom wordt geschreven, altijd wordt afgebroken tot de lengte die in de fysieke laag is gedefinieerd. De beheerder van het semantisch model mag de lengte van deze kolom niet instellen op een waarde die hoger is dan de maximale querylengte die door de backend-database wordt ondersteund. Bijvoorbeeld: in Oracle databases geldt een maximum van 4000 VARCHAR-tekens, maar er wordt afgekapt tot 4000 bytes in plaats van tot 4000 tekens. Als u een multibyte-tekenset gebruikt, bestaat de werkelijke maximumgrootte van de string uit een variabel aantal tekens. Dit aantal is afhankelijk van de gebruikte tekenset en tekens. |
|
|
Hiermee wordt de naam van het semantisch model opgegeven van het door de query benaderde semantisch model. |
|
|
Bevat de naam van het benaderde bedrijfsmodel. |
|
|
Geeft de voltooiingsstatus van de query aan, zoals gedefinieerd in de volgende lijst:
|
Aan uitvoeringstiming gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Bevat de benodigde tijd (in seconden) voor het compileren van de query. Het aantal seconden uit |
|
|
Geeft de datum aan waarop de logische query is voltooid. |
|
|
Geeft het tijdstip (in uren en minuten) aan waarop de logische query is voltooid. |
|
|
Geeft de datum en tijd aan waarop de logische query is voltooid. De begin- en eindtijdstempels geven ook de tijd weer dat tijdens uitvoering van de query is gewacht op beschikbare resources. Als de gebruiker die de query verstuurt, de pagina verlaat voordat de query is voltooid, wordt de definitieve ophaalbewerking niet uitgevoerd en wordt de time-outwaarde '3600' vastgelegd. Maar als de gebruiker terugkeert naar de pagina voordat de time-out optreedt, wordt de ophaalbewerking op dat tijdstip voltooid. Dit tijdstip wordt vastgelegd als de |
|
|
Geeft de datum aan waarop de logische query is verstuurd. |
|
|
Geeft het tijdstip (in uren en minuten) aan waarop de logische query is verstuurd. |
|
|
Geeft de datum en tijd aan waarop de logische query is verstuurd. |
|
|
Geeft de tijd (in seconden) aan dat in het systeem aan de zoekvraag is gewerkt terwijl de client wachtte op reacties op analysen. |
RESP_TIME_SEC |
Geeft de responstijd voor een query aan. Het gegevenstype is 'Number(10)'. |
Aan uitvoeringsdetails gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Bevat de cumulatieve tijd van alle query's die naar de database zijn verstuurd. Query's worden parallel uitgevoerd, dus de cumulatieve querytijd is gelijk aan of groter dan de totale tijd van de verbinding met de database. Bijvoorbeeld: stel dat via een logische aanvraag 4 fysieke SQL-statements worden uitgevoerd die naar de database worden verstuurd, waarbij de querytijd voor 3 van de query's 10 seconden is en voor 1 query 15 seconden. In |
|
|
Bevat het totale aantal rijen dat door de backend-databases wordt geretourneerd. |
|
|
Geeft het aantal query's aan dat naar de backend-databases is verstuurd om aan de aanvraag van de logische query te voldoen. Bij geslaagde query's (SuccessFlag = 0) is dit getal groter dan of gelijk aan 1. |
|
|
Geeft het aantal rijen aan dat aan de queryclient is geretourneerd. Als uit een query een grote hoeveelheid gegevens wordt geretourneerd, wordt deze kolom pas gevuld als de gebruiker alle gegevens weergeeft. |
TOTAL_TEMP_KB |
Geeft het totale aantal KB's aan dat is ontvangen voor een query. Het gegevenstype is 'Number(10)'. |
Aan cache gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Bevat 'J' om een cachetreffer voor de query weer te geven of 'N' als het een cachemisser betreft. De standaardwaarde is 'N'. |
|
|
Geeft het aantal geretourneerde cachetreffers in het resultaat voor de query aan. |
|
|
Geeft het aantal door de query gegenereerde cachevermeldingen aan. De standaardwaarde is 'null'. |
Tabel voor het loggen van fysieke query's naar gebruiksgegevens
De volgende tabel bevat een beschrijving van de databasetabel waarin fysieke query's worden bijgehouden. In deze databasetabel worden de fysieke SQL-gegevens vastgelegd voor de logische query's die in de tabel voor het loggen van logische query's zijn opgeslagen. De tabel met fysieke query's is via een externe sleutel gekoppeld aan de tabel met logische query's.
Gebruiker, sessie en aan ID gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Geeft de unieke rij-ID aan. |
|
|
Verwijst naar de logische query in de tabel voor het loggen van logische query's. Het gegevenstype is 'VARCHAR(250)'. |
HASH_ID |
Geeft de HASH-waarde voor de logische query aan. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
PHYSICAL_HASH_ID |
Geeft de HASH-waarde voor de fysieke query aan. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
Aan details van zoekvraag gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Bevat het gehele fysieke SQL-statement zonder afkapping. De kolom |
|
|
Bevat het SQL-statement dat voor de query is verstuurd. Het gegevenstype is 'VARCHAR(1024)'. |
Aan uitvoeringstiming gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Geeft de datum aan waarop de fysieke query is voltooid. |
|
|
Geeft het tijdstip (in uren en minuten) aan waarop de fysieke query is voltooid. |
|
|
Geeft de datum en tijd aan waarop de fysieke query is voltooid. De begin- en eindtijdstempels geven ook de tijd weer dat tijdens uitvoering van de query is gewacht op beschikbare resources. |
|
|
Geeft de uitvoeringstijd van de fysieke query aan. |
|
|
Geeft de datum aan waarop de fysieke query is verstuurd. |
|
|
Geeft het tijdstip (in uren en minuten) aan waarop de fysieke query is verstuurd. |
|
|
Geeft de datum en tijd aan waarop de fysieke query is verstuurd. |
Aan uitvoeringsdetails gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Bevat het aantal rijen dat aan de queryclient is geretourneerd. |
Initialisatiebloktabel voor gebruikscontrole
Opmerking:
De tabellen voor gebruikscontrole van initialisatieblokken bevatten momenteel alleen sessie-initialisatieblokken en geen semantische-modelinitialisatieblokken.Gebruiker, sessie en aan ID gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
USER_NAME |
Geeft de naam aan van de gebruiker die het initialisatieblok heeft uitgevoerd. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
TENANT_ID |
Geeft de naam aan van de tenant van de gebruiker die het initialisatieblok heeft uitgevoerd. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
SERVICE_NAME |
De naam van de service. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
ECID |
Geeft de ID van de uitvoeringscontext aan die door het systeem is gegenereerd. Het gegevenstype is 'Varchar2(1024)'. |
SESSION_ID |
Geeft de ID van de sessie aan. Het gegevenstype is 'Number(10)'. |
Aan details van zoekvraag gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
REPOSITORY_NAME |
De naam van het door de query benaderde semantisch model. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
BLOCK_NAME |
Geeft de naam aan van het initialisatieblok dat is uitgevoerd. Het gegevenstype is 'Varchar2(128)'. |
Aan uitvoeringstiming gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
START_TS |
Geeft de datum en tijd aan waarop het initialisatieblok is gestart. |
END_TS |
Geeft de datum en tijd aan waarop het initialisatieblok is voltooid. De begin- en eindtijdstempels geven ook de tijd weer dat tijdens uitvoering van de query is gewacht op beschikbare resources. |
DURATION |
Geeft de duur van de uitvoering van het initialisatieblok aan. Het gegevenstype is 'Number(13,3)'. |
Aan uitvoeringsdetails gerelateerde kolommen
| Kolom | Beschrijving |
|---|---|
NOTES |
Bevat opmerkingen over het initialisatieblok en de uitvoering ervan. Het gegevenstype is 'Varchar2(1024)'. |