Algemene variabelen maken

U kunt een berekening als een algemene variabele opslaan en deze vervolgens opnieuw gebruiken in verschillende analysen.

  1. Open de analyse die u wilt bewerken.
  2. Klik naast de kolomnaam op Opties in het deelvenster 'Geselecteerde kolommen'.
  3. Selecteer Formule bewerken om het tabblad 'Kolomformule' weer te geven.
  4. Klik op Variabele en selecteer Algemeen.
  5. Klik op Nieuwe algemene variabele toevoegen.
  6. Voer de waarde voor Naam in. Bijvoorbeeld: gv_region, date_and_time_global_variable of rev_eastern_region_calc_gv.
    De naam voor een algemene variabele moet volledig gekwalificeerd zijn wanneer naar deze variabele wordt verwezen. Daarom wordt deze voorafgegaan door de tekst 'global.variables'. Bijvoorbeeld: een algemene variabele die is ingesteld voor de berekening van opbrengsten, wordt als volgt in het dialoogvenster 'Kolomformule' weergegeven:

    "Basisfeiten."1- Opbrengsten"*@{global.variables.gv_qualified}

  7. Voer waarden voor Typeen Waarde in.
    • Als u het gegevenstype 'Datum en tijd' selecteert, moet u vervolgens de waarde invoeren, zoals in het volgende voorbeeld is aangegeven: 03/25/2004 12:00:00 AM.
    • Als u een uitdrukking of een berekening als waarde invoert, moet u vervolgens het gegevenstype 'Tekst' gebruiken, zoals in het volgende voorbeeld is aangegeven: "Basisfeiten"."1- Opbrengsten"*3,1415.
  8. Klik op OK. De nieuwe algemene variabele wordt toegevoegd aan het dialoogvenster 'Algemene variabele invoegen'.
  9. Selecteer de nieuwe algemene variabele die u zojuist hebt gemaakt en klik op OK. Het dialoogvenster 'Kolomformule bewerken' wordt weergegeven, waarbij de algemene variabele is ingevoegd in het deelvenster 'Kolomformule'. Het selectievakje Aangepaste koppen is automatisch ingeschakeld.
  10. Voer een nieuwe naam in voor de kolom waaraan u een algemene variabele hebt toegewezen om de variabele beter weer te geven.
  11. Klik op OK.