Opties voor zoombeheer van de werkmap opgeven in de presentatiemodus

Wanneer u een prestentatiestroom ontwerpt, kunt u de zoominstelling kiezen die standaard wordt gebruikt wanneer de gebruiker een canvas opent.

Met de knop met de besturingselementen voor zoomen/lay-out kunnen consumenten in- en uitzoomen op het hele actieve canvas om het aan te passen aan hun scherm. Hoewel u het beheer voor de werkmap instelt, wordt zoombeheer alleen weergegeven voor canvassen waarvan de canvaseigenschap Lay-out is ingesteld op Freeform.
De eigenschappen van het zoombeheer die u op het tabblad Werkmap instelt, worden meegenomen naar de zoomeigenschappen van het actieve canvas. U kunt de zoomeigenschappen op het tabblad Werkmap overschrijven voor een bepaald canvas.
De schakeloptie van de zoomsectie moet zijn ingesteld op Aan voordat u de eigenschap Schaal kunt bijwerken.
  1. Beweeg op de beginpagina de muisaanwijzer boven een werkmap, klik op Acties en selecteer Openen.
  2. Klik op Presenteren.
  3. Klik op de pagina Presenteren op het tabblad Werkmap.

  4. Klik in de zoomsectie op Schalen en selecteer de zoomgrootte die gebruikt wordt om het canvas te tonen wanneer een gebruiker het opent.
  5. Klik in de zoomsectie op Beheer om de optie op Uit in te stellen als u het zoombeheer in de koptekstbalk van de werkmap wilt verbergen voor alle canvassen of op Aan als u het zoombeheer wel wilt tonen in de koptekstbalk van de werkmap voor alle canvassen.
    Stel deze optie in op Uit wanneer uw werkmap veel canvassen bevat en u de optie 'Actief canvas' wilt gebruiken om het zoombeheer op slechts enkele canvassen wilt tonen.
  6. Klik op Opslaan.