Werken met drill-throughrapporten

Op een door beheerders vooraf gedefinieerde wijze zijn drill-throughrapporten beschikbaar voor gebruikers vanuit opgegeven afzonderlijke gegevenscellen.

Met drill-through-rapporten kunt u drill-through gebruiken op de gedetailleerde gegevens in een database vanuit Smart View. Drill-through helpt u de bron van een gegevenswaarde te begrijpen en geeft u een granulair detailniveau van een waarde. Als u bijvoorbeeld inzoomt op het dimensielid van het vierde kwartaal, kunt u waarden inzien voor januari, februari en maart.

Drill-through-rapporten kunnen worden gestart in een webbrowser vanuit Smart View. Ondersteuning voor het starten van drill-through-rapporten in een nieuw blad wordt in een toekomstige release beschikbaar.

Richtlijnen voor het werken met drill-throughrapporten

Houd rekening met de volgende richtlijnen bij het werken met drill-throughrapporten:

  • Cellen die drill-through-rapporten bevatten, kunnen door middel van een celstijl op het raster worden aangegeven. Zie Opmaakopties voor meer informatie over het instellen van celstijlen.
  • De weergegeven gegevens in een drill-throughrapport zijn dynamisch.
  • U kunt geen aliasnamen gebruiken voor drill-through. U moet onderdeelnamen gebruiken.

Drill-through-rapporten openen

Ga als volgt te werk om een drill-through-rapport te openen:

  1. Selecteer een gegevenscel die is gekoppeld aan een drill-through-rapport.
  2. Selecteer in het menu Extensies de optie Smart View for Google Workspace en selecteer vervolgens Formulier of Ad hoc.
  3. Selecteer Gegevens en vervolgens Drill-through.
  4. Als er meerdere drill-through-rapporten aan de cel zijn gekoppeld, selecteert u een rapport in de lijst en klikt u op Opstarten.

    Als er maar één drill-through-rapport aan de cel is gekoppeld, wordt dat drill-through-rapport direct opgestart.

Pop-ups in Chrome activeren om drill-through te gebruiken

Als u pop-upvensters in Chrome wilt activeren om de functie Drill-through te gebruiken, voert u de volgende stappen uit:

  1. Klik op het menu Chrome (het pictogram met drie punten Menuknop Chrome) op de browserwerkbalk en selecteer Instellingen.
  2. Scroll omlaag op de pagina en klik op de pijl naast Geavanceerd om meer instellingen te bekijken.
  3. Selecteer Site-instellingen in de sectie Privacy en beveiliging.
  4. Selecteer Pop-ups en omleidingen.
  5. Klik op Toestaan en vervolgens op Toevoegen.
  6. Typ in het dialoogvenster Site toevoegen de URL voor de omgeving, tot aan het poortnummer, bijvoorbeeld:

    https://<serviceURL>.oraclecloud.com

  7. Klik op Toevoegen.

    De URL staat nu in de lijst onder Toestaan.