Aanvraagvariabelen

Met een aanvraagvariabele kunt u de waarde van een sessievariabele overschrijven, maar slechts voor de duur van een databaseaanvraag die is gestart vanuit een kolomprompt. U kunt een aanvraagvariabele maken als onderdeel van de procedure voor het maken van kolomprompts.

U kunt een aanvraagvariabele maken als onderdeel van het proces waarmee u een van de volgende typen dashboardprompts maakt:

  • Een aanvraagvariabele die wordt gemaakt als onderdeel van een kolomprompt wordt gekoppeld aan een kolom, en de waarden die deze variabele kan hebben zijn afkomstig van de kolomwaarden.

    Als u een aanvraagvariabele wilt maken als onderdeel van een kolomprompt, selecteert u in het dialoogvenster 'Nieuwe prompt' de waarde Aanvraagvariabele in het veld Een variabele instellen. Voer in het veld Variabelenaam de naam in van de sessievariabele die u wilt overschrijven.

  • Een aanvraagvariabele die wordt gemaakt als onderdeel van een variabeleprompt, wordt niet gekoppeld aan een kolom. U definieert zelf de waarden die de prompt kan hebben.

    Als u een aanvraagvariabele wilt maken als onderdeel van een variabeleprompt, selecteert u in het dialoogvenster 'Nieuwe prompt' (of het dialoogvenster 'Prompt bewerken') de waarde Aanvraagvariabele in het veld Prompt voor. Voer in het veld Variabelenaam de naam in van de sessievariabele die u wilt overschrijven.

De waarde van een aanvraagvariabele wordt ingevuld door de kolomprompt waarmee de variabele is gemaakt. Dit houdt in dat telkens wanneer een gebruiker een waarde selecteert in de kolomprompt, de waarde van de aanvraagvariabele wordt ingesteld op de waarde die de gebruiker selecteert. Deze waarde geldt echter slechts vanaf het moment dat de gebruiker klikt op de knop Start van de prompt, tot het moment dat de analyseresultaten worden geretourneerd op het dashboard.

Bepaalde systeemsessievariabelen (zoals USERGUID of ROLES) kunnen niet worden overschreven door aanvraagvariabelen. Andere systeemsessievariabelen , zoals DATA_TZ en DATA_DISPLAY_TZ (tijdzone), kunnen worden overschreven als ze worden geconfigureerd in het beheerprogramma Model.

Alleen bij aanvraagvariabelen van het gegevenstype 'Tekst' of 'Getal' worden meerdere waarden ondersteund. Voor alle andere gegevenstypen wordt alleen de eerste waarde doorgegeven.