Met aggregatiefuncties worden bewerkingen op meerdere waarden uitgevoerd om overzichtsresultaten te verkrijgen.
In de volgende lijst worden de aggregatieregels beschreven die beschikbaar zijn voor kolommen en eenheidkolommen. De lijst bevat ook functies die u kunt gebruiken bij het maken van berekende items voor analysen.
Standaard: hiermee wordt de standaardaggregatieregel toegepast zoals in het semantische model of door de oorspronkelijke auteur van de analyse. Niet beschikbaar voor berekende items in analysen.
Door server bepaald: hiermee wordt de aggregatieregel toegepast die wordt bepaald door Oracle Analytics (zoals de regel die in het semantische model is gedefinieerd). De aggregatie wordt in Oracle Analytics uitgevoerd voor eenvoudige regels zoals Som, Min en Max. Niet beschikbaar voor eenheidkolommen in het deelvenster 'Lay-out' of voor berekende items in analysen.
Som: hiermee wordt de som berekend die wordt verkregen door alle waarden in de resultatenset op te tellen. Gebruik deze functie voor items die numerieke waarden hebben.
Min: hiermee wordt de minimale waarde (laagste numerieke waarde) berekend van de rijen in de resultatenset. Gebruik deze functie voor items die numerieke waarden hebben.
Max: hiermee wordt de maximale waarde (hoogte numerieke waarde) berekend van de rijen in de resultatenset. Gebruik deze functie voor items die numerieke waarden hebben.
Gemiddelde: hiermee wordt de gemiddelde waarde berekend van een item in de resultatenset. Gebruik deze functie voor items die numerieke waarden hebben. Gemiddelden in tabellen en draaitabellen worden afgerond op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Eerste: hiermee wordt voor eenheden in de resultatenset de eerste keer dat een item voorkomt geselecteerd. Voor berekende items wordt het eerste lid volgens de weergave in de lijst 'Geselecteerd' geselecteerd. Niet beschikbaar in het dialoogvenster Kolomformule bewerken.
Laatste: hiermee wordt in de resultatenset de laatste keer dat een item voorkomt geselecteerd. Voor berekende items wordt het laatste lid volgens de weergave in de lijst 'Geselecteerd' geselecteerd. Niet beschikbaar in het dialoogvenster Kolomformule bewerken.
Telling: hiermee wordt in de resultatenset het aantal rijen berekend dat een andere waarde dan NULL heeft voor het item. Het item is meestal een kolomnaam, waarin het aantal rijen met een andere waarde dan NULL voor die kolom wordt geretourneerd.
Aantal verschillende waarden: hiermee wordt afzonderlijke verwerking toegevoegd aan de functie 'Telling', hetgeen betekent dat elke afzonderlijke keer dat een item voorkomt, slechts eenmaal wordt geteld.
Geen: hiermee wordt geen aggregatie toegepast. Niet beschikbaar voor berekende items in analysen.
Op rapport gebaseerd totaal (wanneer toepasbaar): als deze optie niet is geselecteerd, wordt hiermee aangegeven dat het totaal op basis van de gehele resultatenset moet worden berekend in Oracle Analytics alvorens filters toe te passen op de eenheden. Niet beschikbaar in het dialoogvenster Kolomformule bewerken of voor berekende items in analysen. Alleen beschikbaar voor attribuutkolommen.
Functie | Voorbeeld | Beschrijving | Syntaxis |
---|---|---|---|
AGGREGATE AT |
|
Hiermee worden kolommen geaggregeerd op basis van een of meer niveaus van de gegevensmodelhiërarchie die u hebt opgegeven.
U kunt desgewenst meerdere niveaus opgeven. U kunt geen niveau opgeven uit een dimensie die niveaus bevat die als het eenheidniveau worden gebruikt voor de eenheid die u in het eerste argument hebt opgegeven. U kunt de functie bijvoorbeeld niet schrijven als |
|
AGGREGATE BY | AGGREGATE(verkoop BY maand, regio) |
Hiermee wordt een eenheid geaggregeerd op basis van een of meer dimensiekolommen.
|
AGGREGATE(eenheid BY kolom[, column1, columnN]) |
AVG |
|
Hiermee wordt het gemiddelde van een numerieke set waarden berekend. |
|
AVGDISTINCT |
Hiermee wordt het gemiddelde van alle afzonderlijke waarden van een uitdrukking berekend. |
|
|
BIN |
|
Hiermee wordt een bepaalde numerieke uitdrukking verdeeld in een opgegeven aantal buckets van gelijke breedte. Met de functie kan het binnummer of een van de twee eindpunten van het bininterval worden geretourneerd. numeric_expr geeft de eenheid of het numerieke attribuut aan waarvoor binning moet plaatsvinden. BY grain_expr1,…, grain_exprN is een lijst met uitdrukkingen waarmee de mate van granulariteit wordt bepaald waarmee numeric_expr wordt berekend. BY is vereist voor eenheiduitdrukkingen en is optioneel voor attribuutuitdrukkingen. WHERE is een filter dat moet worden toegepast op 'numeric_expr' voordat de numerieke waarden worden toegewezen aan bins. 'INTO number_of_bins BINS' geeft het aantal bins aan dat moet worden geretourneerd. 'BETWEEN min_value AND max_value' geeft de minimum- en maximumwaarden aan die worden gebruikt als eindpunten van de buitenste bins. RETURNING NUMBER geeft aan dat de retourwaarde het binnummer moet zijn (1, 2, 3, 4, etc.). Dit is de standaardwaarde. RETURNING RANGE_LOW geeft de ondergrens van het bininterval aan. RETURNING RANGE_HIGH geeft de bovengrens van het bininterval aan. |
|
BottomN |
Hiermee worden de laagste n waarden van het uitdrukkingsargument geclassificeerd van 1 tot n, waarbij 1 overeenkomt met de laagste numerieke waarde. expr is een willekeurige uitdrukking die resulteert in een numerieke waarde. 'integer' is een willekeurig positief geheel getal. Geeft het minimum aantal rangen aan dat in de resultaatset wordt weergegeven, waarbij 1 de laagste rang is. |
|
|
COUNT |
|
Hiermee wordt het aantal items met een niet-NULL-waarde bepaald. |
|
COUNTDISTINCT |
Hiermee wordt afzonderlijke verwerking toegevoegd aan de COUNT-functie. expr is een willekeurige uitdrukking. |
|
|
COUNT* |
|
Hiermee wordt het aantal rijen geteld. |
|
Eerste |
|
Hiermee wordt de eerstgeretourneerde niet-NULL-waarde van het uitdrukkingsargument geselecteerd. De functie |
|
Laatste |
|
Hiermee wordt de laatstgeretourneerde niet-NULL-waarde van de uitdrukking geselecteerd. |
|
MAVG |
Hiermee wordt een voortschrijdend gemiddelde berekend van de laatste n gegevensrijen in de resultatenset, met inbegrip van de huidige rij. expr is een willekeurige uitdrukking die resulteert in een numerieke waarde. 'integer' is een willekeurig positief geheel getal. Geeft het gemiddelde aan van de laatste n gegevensrijen. |
|
|
MAX |
|
Hiermee wordt de maximale waarde (hoogste numerieke waarde) berekend van de rijen die aan het numerieke uitdrukkingsargument voldoen. |
|
MEDIAN |
|
Hiermee wordt de mediaanwaarde (middelste waarde) berekend van de rijen die voldoen aan het numerieke uitdrukkingsargument. Als er een even aantal rijen is, is de middelste waarde het gemiddelde van de twee middelste rijen. Deze functie retourneert altijd een dubbele waarde. |
|
MIN |
|
Hiermee wordt de minimale waarde (laagste numerieke waarde) berekend van de rijen die aan het numerieke uitdrukkingsargument voldoen. |
|
NTILE |
Hiermee wordt de rang van een waarde bepaald in termen van een door de gebruiker opgegeven bereik. Deze retourneert gehele getallen die een willekeurig bereik van rangen vertegenwoordigen. NTILE met numTiles=100 retourneert wat meestal het 'percentiel' wordt genoemd (met getallen variërend van 1 t/m 100, waarbij 100 de hoogste sorteringsgrens vertegenwoordigt). expr is een willekeurige uitdrukking die resulteert in een numerieke waarde. 'numTiles' is een positief geheel getal dat niet NULL is en dat het aantal tegels aangeeft. |
|
|
PERCENTILE |
Hiermee wordt een percentielrang berekend voor elke waarde die voldoet aan het numerieke uitdrukkingsargument. Het bereik van de percentielrang ligt tussen 0 (1ste percentiel) en 1 (100ste percentiel). expr is een willekeurige uitdrukking die resulteert in een numerieke waarde. |
|
|
RANK |
|
Hiermee wordt de rang berekend voor elke waarde die voldoet aan het numerieke uitdrukkingsargument. Het hoogste getal krijgt de rang 1, en elke volgende rang wordt toegewezen aan het volgende gehele getal (2, 3, 4,...). Als bepaalde waarden gelijk zijn, krijgen ze dezelfde rang toegewezen (bijvoorbeeld 1, 1, 1, 4, 5, 5, 7...). expr is een willekeurige uitdrukking die resulteert in een numerieke waarde. |
|
STDDEV |
|
Hiermee wordt de standaardafwijking geretourneerd voor een set waarden. Het retourtype is altijd een double. |
|
STDDEV_POP |
|
Hiermee wordt de standaardafwijking geretourneerd voor een set waarden met behulp van de rekenformule voor populatievariantie en standaardafwijking. |
|
SUM |
|
Hiermee wordt de som berekend van alle waarden die voldoen aan het numerieke uitdrukkingsargument. |
|
SUMDISTINCT |
Hiermee wordt de som berekend van alle afzonderlijke waarden die voldoen aan het numerieke uitdrukkingsargument. expr is een willekeurige uitdrukking die resulteert in een numerieke waarde. |
|
|
TOPN |
Hiermee worden de hoogste n waarden van het uitdrukkingsargument geclassificeerd van 1 tot n, waarbij 1 overeenkomt met de hoogste numerieke waarde. expr is een willekeurige uitdrukking die resulteert in een numerieke waarde. 'integer' is een willekeurig positief geheel getal. Geeft het maximum aantal rangen aan dat in de resultaatset wordt weergegeven, waarbij 1 de hoogste rang is. |
|
Hier volgen enkele tips om de beste resultaten te krijgen bij het gebruik van aggregatiefuncties in uw werkmappen.
Tips:
First
, Last
. Vermijd het gebruik van eerste en laatste aggregaties met een 100% gestapeld staafdiagram. Als u de huidige datum aan Op
toevoegt, wordt de query beter en worden alle rijen voor de visualisatie opgehaald, plus de huidige datum. Met de functie Laatste
wordt vervolgens de laatste rij in die resultatenset geretourneerd. Dit is afhankelijk van hoe de gegevens vanuit de bron worden geretourneerd.Min
: gebruik Min
om de kleinste waarde te berekenen in een set van rijen. Gebruik Evaluate
om de kleinste waarde in een set van kolommen te zoeken. Bijvoorbeeld:
evaluate('least(%1,%2,%3)',column date 1,date 2,date 3)